Lopende zaken

De internet gids

Wolk

Over David Berman

Lodewijk Verduin

7 augustus 2019

In een appartement in Park Slope, een wijk in Brooklyn, New York City, wordt het lichaam van David Berman gevonden. Hij heeft zich opgehangen. Na een leven lang worstelen met treatment-resistant depressie, drugsverslaving en een alcoholprobleem, heeft hij er op tweeënvijftigjarige leeftijd een einde aan gemaakt.

Berman publiceerde een boek met tekeningen en Actual Air (1999), een dichtbundel die een cultstatus zou verkrijgen, maar was vooral bekend als de zanger en tekstschrijver van de indieband Silver Jews. In de dagen na zijn dood werden zijn teksten en albums, vooral American Water (1998), dat als Bermans meesterwerk geldt, door velen weer opgedoken en opgezet. Hoewel ik slechts enkele nummers vagelijk kende, deed ik dat ook. In de eerste plaats uit piëteit, maar al luisterend raakte ik bevangen door zijn werk. Weken, maanden was ik met Bermans muziek in de weer. Een vrij melancholische ontdekking, aangezien ik de mens achter het oeuvre dat me nu zo fascineerde nooit meer zou kunnen zien of kennen.

Ik was hem net misgelopen.


20 oktober 1998

American Water, het derde album van Silver Jews, verschijnt bij het platenlabel Drag City. Op dat moment bestaat de band bijna tien jaar. In de late jaren 80 had Berman op de University of Virginia Stephen Malkmus en Bob Nastanovich ontmoet, die net iets later de legendarische band Pavement zouden oprichten, waarmee hij muziek begon op te nemen. Uit verlegenheid en baldadigheid speelde Berman zijn nummers aanvankelijk vooral in op het antwoordapparaat van vrienden of van bewonderde muzikanten als Kim Gordon van Sonic Youth. Optreden voor een publiek zou hij zoveel mogelijk blijven vermijden. Alleen met zijn twee vrienden en latere huisgenoten wilde het gezamenlijk spelen enigszins lukken.

Na twee EPs en twee albums nemen ze in The Rare Book Room hun meest geconcentreerde en succesvolle lp op. De muziek op American Water is een mengsel van melodische lo-fi rockmuziek en semi-ironische alt-country, dat de lage, krakerige, soms valse stem van David Berman moet ondersteunen (‘All my favorite singers couldn’t sing’, zingt hij zelf op ‘We Are Real’). Zijn gedetailleerde teksten gaan over het leven van verliezers en buitenstaanders in desolaat Amerika, drank, het verlangen om te verdwijnen en toch verdrietig zijn over de vergankelijkheid van alles. Het geheel is doordrenkt met culturele referenties en droge zwarte humor; op een emotionele confessie volgt steevast een grap of een non sequitur, wat het doelbewust citeren van teksten – altijd al een heikele kwestie bij popmuziek – bemoeilijkt.

Om toch een poging te doen: ‘Random Rules’ bevat mogelijk het mooiste couplet dat Berman geschreven heeft, waarin zijn preoccupatie met dood en verlies, zijn verteltalent en zijn geestigheid prachtig samenkomen:

I asked the painter why the roads are colored black
He said, ‘Steve, it’s because people leave
And no highway will bring them back’
So if you don’t want me, I promise not to linger
But before I go, I’ve gotta ask you, dear, about that tan line on your ring finger

Het eerste nummer van Silver Jews dat me werkelijk greep komt ook van deze plaat. Dat was ‘Like Like the the the Death’, naar de eerste, quasi-nonsensicale gezongen zin, die mij nog het meest doet denken aan een dichtregel van Emily Dickinson, voorgedragen door een stotteraar. De instrumentatie is spaarzaam en haperend, alle ruimte biedend aan de omineuze, diepe stem van Berman. Zo viel zijn eclectische stijl van tekstschrijven me direct op. Met iedere nieuwe regel lijkt Bermans register te verspringen. Het eerste couplet begint met een alledaagse observatie, maar voordat het een tableau kan worden schakelt hij over naar droomlogica en filosofische vragen, die enigszins uit de lucht lijken te komen vallen:

Mother and child with magazine
Into a story, into a dream
Why is there something instead of nothing?
And how is the asking built into the hunting?

Door het refrein werd ik overtuigd. Daar voelt het alsof de band eindelijk hetzelfde ritme vindt; de voorheen hakkelende begeleiding wordt plots stuwend, de pingelende gitaar begint een ontroerend simpele melodie te spelen. Berman gaat echter meer praten dan zingen. Zijn tekst wordt minder abstract en begint verlangen te verraden, en kwetsbaarheid:

Let’s live where the indoors and the outdoors meet
All the kids in the commonwealth are free
Every morning you forgive me, every evening you relive me and the thing itself is what you give me
And the morning has cut a deal with the east

Hier hoorde ik opeens een persoonlijkheid, die zijn gevoelens slechts versnipperd en zorgvuldig weggestopt tussen afleidende zijsporen prijsgeeft aan een welwillende luisteraar. Mijn belangstelling voor de persoon die hier zo besmuikt aan het woord was, was gewekt.


22 september 2019

Stephen Malkmus speelt een korte akoestische set in een bloedheet Concerto. Als eerbetoon aan zijn vriend David Berman, who checked out early last month, speelt hij twee nummers van Silver Jews. Eerst ‘Trains Across the Sea’, uit 1994, over oeverloos drankgebruik:

In 27 years
I’ve drunk fifty thousand beers
And they just wash against me
Like the sea into a pier

Malkmus sluit af met een nummer van American Water, waarop hij oorspronkelijk zelf als achtergrondzanger te horen is; het zwaarmoedige laatste nummer, ‘The Wild Kindness’:

I dyed my hair in a motel void
Met the coroner at the Dreamgate Frontier
He took my hand, and said, ‘I’ll help you, boy
If you really want to disappear’

‘I’m gonna shine out in the wild silence’ en ‘Instead of time, there will be lateness/ And let forever be delayed’ hoor ik hem zingen, en de directheid van deze postume bekentenissen beneemt me de adem.

David Berman maakte consequent zijn eigen eenzaamheid en afhankelijkheid openbaar. Uit zijn teksten komt hij naar voren als iemand die in de periferie is beland en niet meer weet hoe hij terug moet komen. Al luisterend zie ik hem voor me, rondtrekkend door afgetrapt ruraal Amerika, af en toe neerstrijkend in godverlaten motels, zwijgzaam bier drinkend in troosteloze, door neon verlichte dive bars.

Ondanks alles bleef hij doorploeteren. Zijn muzikale en literaire productie, die steeds weer werd onderbroken en hervat, getuigt op zichzelf al van een enorme vasthoudendheid; op basis van zijn confessies zou je verwachten dat hij er na één EP al de brui aan had gegeven, of niet eens tot opnemen over had kunnen gaan.

Daar spreekt een verkapte levenslust uit: hij bracht niet alleen onverschrokken zijn leed in kaart, maar bleef het leven, met al zijn mankementen, met verve bezingen. Berman gaf anderen bewust de mogelijkheid om zich in zijn getuigenissen te herkennen, wat de eenzaamheid van zowel zender als ontvanger in potentie verlichten kan.


22 januari 2009

Op het online forum van Drag City kondigt David Berman het einde van Silver Jews aan. Hij schrijft dat hij besloten heeft om zijn leven een radicaal andere invulling te geven om tegenwicht te bieden aan het destructieve werk van zijn vader, Richard Berman, de geduchte advocaat van wapenbedrijven, fastfoodketens en de tabaksindustrie, bijgenaamd ‘Dr. Evil’. De twee zijn op dat moment al enkele jaren van elkaar vervreemd. Berman noemt zijn vader ‘a world historical motherfucking son of a bitch’ en zegt voornemens te zijn om als onderzoeksjournalist het tij te keren.

Op 31 januari vindt het laatste optreden van Silver Jews plaats in de grotten van McMinnville, Tennessee, ruim honderd meter onder de grond. Er zijn driehonderd mensen aanwezig.

Het slotconcert van Silver Jews.


12 juli 2019

Na ‘a decade playing chicken with oblivion’ verschijnt onder de naam Purple Mountains een nieuw album van David Berman, muzikaal bijgestaan door de band Woods. Verschillende eerdere studiesessies met andere artiesten mislukten faliekant. In 2017 had Berman zijn oude vriend Stephen Malkmus en Dan Bejar van Destroyer, een groot bewonderaar van Silver Jews, gevraagd om samen met hem een album op te nemen. Zijn nummers en teksten waren onaf, en hij dreef Bejar tot wanhoop door niet in de studio te durven zingen.

De pop-country van Purple Mountains is zeer goed ontvangen, maar in het licht van de geschiedenis kan ik de plaat bijna niet aanhoren. Bermans stem klinkt zwak en hees, uitgeteerd en opgebrand, zijn moedeloze teksten over eenzaamheid en de dood kunnen niet meer verlicht worden door zijn humor, die nog cynischer en harder geworden is. Zijn reflecties zijn wanhopig en pijnlijk direct, bijvoorbeeld in het afschuwelijke ‘Nights That Won’t Happen’. Berman zet trillend in en begint meteen met de slotsom: ‘The dead know what they’re doing when they leave this world behind/ When the here and the hereafter momentarily align’.

Het hele album klinkt als een afscheidsbrief, maar dit nummer lijkt wel een verontschuldigend postscriptum uit het hiernamaals: ‘When the dying’s finally done and the suffering subsides/ All the suffering gets done by the ones we leave behind’.

Het is alsof je luistert naar iemand die het leven definitief heeft opgegeven, en dat is een afgrondelijk gevoel: je hoort iemand die nog hoopt op redding, maar om wie je niet anders kan dan rouwen.

Op 10 augustus zou de eerste Amerikaanse tour van Purple Mountains aanvangen. Drie dagen daarvoor pleegde Berman zelfmoord.


4 januari 1967

David Berman wordt geboren in Williamsburg – niet het hippe deel van Brooklyn, maar het gehucht in Virginia. Zijn tweede naam is Craig, maar in 2015 verruilt hij die voor de achternaam van een overleden vriend, Cloud.

Op ‘Send in the Clouds’, een van de nummers op American Water, zou hij zingen:

I am the trick my mother played on the world
Seventeen doctors couldn’t decide
Whether I should be allowed in the game

Uiteindelijk was hij zelf degene die zich buitenspel zette.

Lodewijk Verduin (1994) studeert Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam. Hij schrijft literaire kritieken voor
De Groene Amsterdammer en publiceerde essays in Tirade, Hollands Maandblad en De Nederlandse Boekengids

Meer van deze auteur