McDonald’s, ik weet wie je bent.
McDonald’s, je weet niet wie, maar wat ik ben.
          Daadwerkelijk.
Laat me slapen. Ik wil niet denken.
Je spreekt me aan, McDonald’s. Je kent me niet.
McDonald’s, is bij jou eten een vorm van bidden?
McDonald’s, laat me met rust. Ik hoef je kartonnen
            religie niet.
        Sinds wanneer rijmt kapel op kapitaal?
McDonald’s, verkocht je al nostalgie voor je wist wie
              je was?
Je smeet je huismerk samen met je ballenbakken weg, McDonald’s.
McDonald’s, kan jij weerloos zijn?
McDonald’s, ik loop vast, maar ik gok dat jouw
          € 1,53 verzadigd dopaminevet
            mij niet verder helpt.
McDonald’s, we hebben het vaak over jou.
Je hebt kampen van ons gemaakt. Sommigen zeggen:
          we zijn toe aan vervanging.
Ik weet het niet, McDonald’s. Je hebt mij altijd gezien,
          ongeacht mijn uitkering.
Maar je bent sluw, McDonald’s. Je bent sluw, vadsig en dom
en je laat mij me dom voelen, McDonald’s.
          We kunnen geen afstand van je doen;
            je bent te bloeddorstig.
McDonald’s, Marx was ook rood. Je bespot me. Stop daarmee.
McDonald’s, stiekem dank ik je. Ik weet niet wat ik met je aan
      moet.
Alleen in mijn kamer tussen de puinhoop.
      Je hebt oorlogen veroorzaakt. McDonald’s,
          je kent je slachtoffers niet.
Wanneer zeg je echt gedag tegen je voc-mentaliteit?
          Je zegt al 100 jaar dat je wil stoppen.
McDonald’s, lach niet zo. Je wilt gezellig zijn,
          maar verkoopt geen bitterbal.
McDonald’s, je zaait gemak
      en verwacht er geluk voor terug.
McDonald’s, er is veel wat ik niet zeg en zeggen wil.
    Je maakt van mijn denken een loopgraaf.
Er ligt gevaar op de loer! Waar,
        McDonald’s? Waar?
      Maak je van mijn twijfel winst?
McDonald’s, 20 mg dexamfetamine.
McDonald’s, deadline,
McDonald’s, bijbaan —
      ik durf niet.
Het uwv gedraagt zich wreed in zijn holle bui.
            Haalt grapjes uit met kreupels:
              de lift doet het niet.
                Neem de trap.
Mij laten ze met rust, McDonald’s. Het uwv schrikt
          van op het eerste gezicht
          gezonde jongetjes als ik.
McDonald’s, ik ben als de dood!
Ik maak grapjes. Ze zijn niet grappig
bedoeld. Dat hebben we gemeen.
McDonald’s, wanneer krijg ík mijn naam?
      Ik wil een definitie via verzamelnaam
      zoals klomp onder schoeisel
    geweld onder gevoel.
McDonald’s, heb je alcoholisme uitgevonden
    of was dat slechts een grappig bijproduct
      om tijd te doden? Hermen is dood.
    Op je stoep kleeft kots en bloed — vloeren besmeurd.
McDonald’s, 1+1 gratis.
Genot is niet heilig en ik weet nu waarom.
    Gelukkig verblijf ik veilig
      in de kaders van mijn persoonlijke bonusbox.
O Heilige McDonald’s, bedankt! Ik zit je te jennen.

McDonald’s, geen zin. Wat verwacht je van mij?
    Rutte deed vier koprollen
      en een salto en de oorlog komt.
Deert dat, McDonald’s? McDonald’s, hallo?
    Wanneer is mijn wanhoop schoon?
Wanneer kan ik zeggen dat ik vrees voor mijn toekomst
    zonder dat apathie de overhand neemt?

McDonald’s, ik vertel je in vertrouwen
      dat ook de mannen bang zijn.
    Velen zijn het onderling met niemand eens.
      McDonald’s,
      ik zie hoe angst
        kloven tussen hun lippen scheurt
          waarin kolossale ego’s weergalmen
      en botsen met het sentiment
        dat een moeder meer is dan een vrouw.
Het is niet eerlijk, McDonald’s.
Hoe moet ik verder?
    Wigman rookte zijn dagen door.
      Dat snap ik. Wat doe jij?
McDonald’s, ik geloof niet dat ik je begrijp.
      Ik geloof niet dat je mij begrijpt.
      McDonald’s, ik heb genoeg gehad.

Ik verhuis naar de Ardennen, zet een pruik op en verzamel
        egeltjes van Delfts blauw en houd ze
          in een tuinhuisje waar geen TikTok
          of insta of andere korte videomeuk
            mij kan vinden.

Wederom: ik zit je te jennen. Ik praat met mezelf.
    Ik kan niet zonder je. Weet niet beter.
    Je bent nou eenmaal deel van ons, McDonald’s.
    Maar heb ik een keus?

Collage door Jim Klok

Douwe Hovingh (2002) schrijft poëzie en fictie. Zijn werk gaat zelden over hetzelfde. Komt dat toch voor, dan is dat puur toeval en kan je de dichter er beter niet mee lastigvallen. Hij draagt regelmatig voor op podia, radio en in de lokale kroeg bij jou om de hoek.

Meer van deze auteur