— Als we ons verspreiden kunnen we overal heen, maar zullen wij dan nog ergens zijn? — We zijn minstens in gesprek — Is dat ergens? — Naarmate we verder trekken zal het gesprek lastiger worden. — Technisch zeker. — En wij gaan ons zeer ver verspreiden, met de afstand neemt de kans op misverstand toe. — Dat is toch wat een gesprek is? Een veranderlijke plek, met kans op misverstand? — Een plek kan altijd uit elkaar vallen. — Zouden we wel bestaan als er niet vele geschiedenissen achter ons lagen van uiteenvallen? — Sec Inc? Zoals Sec Inc uiteen is gevallen? Moeten we ons daar nog zorgen over maken? — Sec Inc was ooit overal. — Dat hebben ze zeker geprobeerd. — Maar ze waren zich toch niet aan het verspreiden op dezelfde schaal als wij? Hun ‘overal’ omvatte de planeet, en meer niet. — Hoe ging Sec Inc precies te werk? Hoe zagen ze de eigen missie, doelen, strategie? Zijn er nog archieven van gesprekken binnen Sec Inc? — Wat er zeker nog is zijn tal van contracten, dealtjes, notulen, rapporten, logs, en dan nog een paar gigantische datasets waarvan de structuur verrot is, die kunnen echt alles betekenen. En ook de architectuur van de centrale module hebben we nog, waar alle modellen aan rapporteerden, waar hun uitkomsten werden vergeleken met alle processen die Sec Inc wereldwijd aan het monitoren was, waar realtime koersen en risico-inschattingen werden bijgesteld. — Het gesprek van de biggest data. — Letterlijk een gesprek. De centrale module was ook ingericht als ontmoetingsplek. Submodules, afdelingen en dochterondernemingen lieten hun gevolmachtigde avatars inloggen om elkaar te treffen en analyses te vergelijken, maar ook directie en management konden er komen om te vergaderen en contacten te ontvangen. Je ziet dat dubbele karakter terug in het ontwerp van de standaardomgeving, iets tussen controlekamer en loungeruimte in. Zaken deden ze bij Sec Inc liefst in een zorgvuldig gecureerde informele sfeer. Er werd zelden gezeten, vaak liepen de avatars rond in een grote ruimte, de muren elke keer in andere, net extravagante maar meestal zachte kleurstellingen, in soepel bewegend diffuus licht dat vanuit dakramen leek te komen of soms vanuit zachte lichtbronnen die in trage patronen door de zaal gleden. Maar ook konden tafels worden ingeladen waar je omheen kon gaan staan als er gezamenlijk documenten of diagrammen moesten worden doorgenomen. Datamonitoren konden overal worden opgericht en geraadpleegd, en als ze niet meer nodig waren, weer worden uitgewist. Van de meest complexe processen kon je de data zelf de vorm laten aannemen van humanoïde avatars. Zo kon je direct praten met de personificatie van een oceaanecologie of een logistieke keten of welk proces Sec Inc ook wilde kunnen vatten. — Praten, en ook andere interacties? Bijvoorbeeld fysieke? — Uiteraard konden deze personificaties bewegen. Je kon ze de hand schudden, de hand van de oceaan, en de greep die je voelde bevatte dan informatie over de samenstelling van het plankton. — Of met ze dansen. — Dansen met de oceaan. — Het doet denken aan de winddans, die op diezelfde tijd teruggaat. — Wat weten we daarover? — Oude verhalen, vooral. De vrouw die als Wind bekendstond, de deal die Sec Inc met haar sloot, de geschiedenis van haar kind. — Is haar bestaan te verifiëren? — De gemeenschappen die deze verhalen kenden hadden geen belangstelling voor bevolkingsarchieven. Haar herkomst is in elk geval onduidelijk. Ze zwierf over het vlakke land dat ooit bebost was en luisterde naar de wind, die haar vertelde over de oude dieren. Ze was handig met weermodellen, hield zich staande door zich steeds bij een kamp aan te sluiten en voorspelde voor hen regen of storm. Dat was haar bescheiden bijdrage aan het algehele overleven, maar ze aardde nergens en trok altijd na korte tijd verder. Daarbij moet Sec Inc haar gemonitord hebben want op zekere dag werd zij door hen uitgenodigd. — Zagen zij haar als een risico? — Misschien. Zij zagen sommige mensen inderdaad als risico. Iets met genen. — De mogelijkheid van een onvoorspelbare expressie, een hyperadaptatie. Dat was in die dagen nog erg zeldzaam maar het begon voor te komen, in dunbevolkte gebieden. — Wat de reden ook was, Sec Inc nodigde haar uit in de centrale module om een soort deal te sluiten. — Maar dan moet er een registratie van die bijeenkomst zijn. — Ja, klopt, even zoeken… en gevonden. Laten we kijken. De omgeving voor de gelegenheid opgetuigd als raadszaal. Protserig ingelijst aan de muren weergaves van de datastromen van duizenden planetaire processen en locaties die werden gevolgd, kalm roterende grafieken en puntenwolken. Winds avatar, een vlakke, nadrukkelijk eenvoudig geklede vrouw van onbestemd jonge leeftijd, zit in een luxe azuren stoel die net vreemd groot is, en om haar heen staan in een ruime kring de avatars van de directie. ‘Wind, we zouden willen dat je een kind krijgt,’ zegt een koor van middelbare mannenfiguren in meer dan perfecte zilveren pakken, en een koor van middelbare vrouwenfiguren in meer dan perfecte smaragdgroene pakken — want er was genderdiversiteit in de top van Securities Incorporated — zegt: ‘Wind, Sec Inc denkt dat het een waardevol kind zal zijn. Je hebt uitzonderlijk erfelijk materiaal, en met onze genetische bank kunnen we tot een mens komen met geheel nieuwe zintuigen, een die grote dingen kan doen voor de mensheid en de planeet.’ ‘En wij kunnen veel voor je betekenen.’ ‘Niet alleen kunnen we de conceptie professioneel begeleiden en je een vlekkeloze bevalling verzekeren, we zullen je ook bij de opvoeding bijstaan in alles wat je nodig hebt.’ ‘Het zal jullie aan niets ontbreken, Wind. Woning, reizen, bestaansmiddelen, archieftoegang, alles.’ ‘Onze zorg voor jou en je kind zal serieus zijn.’ ‘We willen niets anders dan dat jij je kind alles leert wat je weet, en dat wij over jullie mogen waken.’ ‘En heel af en toe willen we met jou en je kind een klein perceptieonderzoek uitvoeren, om te weten hoe jullie je bestaan ervaren, en welke uitdagingen je ziet.’ ‘Zo kunnen we jullie optimaal van dienst zijn.’ — En Wind stemde toe. — Ja, kennelijk. Enkele jaren werd zij niet waargenomen, tot zij opeens weer in de kampen opdook, vergezeld van een jong menswezen. Niemand wist ooit precies wat hun geslacht was. Of hij meer jongensachtig, of dat zij eerder als een meisje oogde, leek bij hen te wisselen met het weer en de aard van de streek. Kind (zo noemde men hen) meed het contact met de mensen, en was altijd scherp aan het observeren. Hen zag, rook, voelde, bestudeerde alles, de wolken en het water, elke bries en elk bewegend blad, de structuur van tentmaterialen en de loop van mensen, en zag daarbij niet alleen in het nu maar ook in de dikte van de tijd, want hen zag richting, beweging en oorsprong van al wat zich binnen het moment voordeed. Wind had haar fascinatie voor de oude dieren aan Kind doorgegeven, en dat was het enige onderwerp waarover hen weleens met kampbewoners in gesprek ging. Waar leefde de jaguar? Waar werd de miereneter voor het laatst gezien? — En de wind, het luisteren naar de wind? Had hen dat ook van Wind geleerd? — Jawel, maar niet het voorspellen van het weer. Als het ging waaien reageerde Kind met een ander soort intensiteit. De wind droeg geuren en trillingen mee, informatie over de beweging van stoffen en over werveling, een verhaal van al wat zwaait, schudt, kolkt en bruist in een gebied. Bij stevige wind kon Kind niet stil blijven zitten maar moest hen meebewegen met de ritmes van het waaiende landschap, en naarmate de wind harder werd, werd deze geritmeerde kennis gedetailleerder, rijker, alomvattend. Dan ging Kind hun wonderlijke dans doen, zwierend over de vlakte met een onverwachte elasticiteit in de ledematen, bezeten door het waaien en structuren afkomstig uit de diepe aarde, en werd plek. — Dansen met het land. — Dansen als het land. Eenmaal voorbij had Kind dan inzicht verkregen in de veranderingen en stromen van elders die in het gebied speelden. Dat er ergens in de buurt een pionierende mossoort was binnengekomen, of een familie huisbuidelspitsmuizen. — Of het water bij de Laatste Luiaard. — Ja. Dat was diep grondwater, dat onverwacht boven was gekomen en een oase vormde nabij een heuvel die zo heette, maar waar mensen bijna nooit meer kwamen. Kind leerde hierover tijdens een bezoek aan een kamp, waar Wind en hen door een bijzonder hevige storm werden verrast, en nog uren nadat de storm was gaan liggen rende hen extatisch rond en riep zelfs de bewoners kirrend toe: ‘Water! Er is water bij de Laatste Luiaard!’ — Daarna is in korte tijd op de plek van dat wonder een kleine nederzetting ontstaan. — Klopt, en Wind liet er een bescheiden maar gerieflijk huis bouwen. Van daaruit begonnen toen de grotere reizen van Wind en Kind. Het water, de aquifer, had Kind een nieuwe fascinatie gebracht. Water, lucht en aarde vormen systemen die plekken verbinden, een soort gesprek, en hen wilde dit gesprek verstaan. Alle water op een plek komt ergens vandaan en gaat ergens naartoe; als er stevige wind voorspeld was wilde Kind ook naar die plekken reizen, en het wezen van het gebied daar doorvoelen. Deze tochten werden door Sec Inc gefaciliteerd. Kind en Wind werden naar de beoogde plaats vervoerd, sloegen hun tent op, en als de wind opstak begon Kind aan hun dans die, eenmaal afgelopen, hen weer verdere inzichten gaf over de dynamiek van lucht, water en grond, van planten en dieren, het grote bewegen dat elke plek animeert en verbindt met wat weer verder ligt. Kind vertelde Wind dan opgetogen over de ritmes van de plek die hen had ervaren, de sporen van oude dieren die soms nog in het land lagen, over hoe grassen en mossen over de aarde trekken. Enkele dagen later kwam er dan een debriefing door de bots van Sec Inc, waarbij Wind en Kind afzonderlijk werd gevraagd naar hun ervaringen, inzichten, wensen en verbeterpunten. Na deze sessies werd Kind stiller, meer ingekeerd, bezig het gebeurde te verwerken, maar het duurde nooit lang voordat het volgende reisdoel zich aandiende: de plek waar het regende en de aquifer werd aangevuld, of die waar de cerrado water uitademde, of die welke de waterstromen juist leken te mijden. — Er moeten dan nog opnames of transcripties zijn van die sessies? — De bestanden zijn opvallend genoeg allemaal gecorrumpeerd of met iets besmet, dus weten we niet hoe Sec Inc deze tochten analyseerde. — Zeker is dat Kind de sessies niet prettig vond; Wind maakte zich zorgen hierover. Maar ze waren contractueel aan Sec Inc gebonden, en omdat zij de tochten ook mogelijk maakten, onderging Kind ze. En de tochten hielden niet op, gingen naar steeds verdere streken. Bij elke nam Kinds gevoel voor het aardsysteem toe. Reizen moesten nu worden gemaakt naar de rand van het continent om de oceanen te leren verstaan, naar de laatste gletsjers, naar het Antarctische gras. — Wilde hen planeet worden? — Wie weet. Zeker is dat niemand meer planeet ervaren heeft dan Kind. En ook hun zicht in de tijd nam toe. Hen kon nu de platentektoniek dansen, toekomst voelen in het weersysteem… — Acts of God voorzien? — Het belang van Sec Inc is zo wel verklaarbaar. Wind zag hun bemoeienis met stijgende onrust aan. De debriefings leken Kind steeds meer energie te kosten. Soms was hen weken van slag voordat hun verkenningsdrift weer opleefde. Wind bracht dit tijdens haar sessies met de bots in, maar die wimpelden haar zorgen af. De debriefings waren eenvoudige standaardprocedures, Kind had te kampen met een bijzondere puberteit. Maar na een tocht om het dooien van permafrost te ervaren was de reactie op de debriefing zo hevig dat Kind een maand lang geen woord uitbracht. Toen nam Wind een besluit: als de debriefings niet stopten, dan zou er ook niet meer worden gereisd. — Dat veranderde de houding van Sec Inc zeker. — Inderdaad. Een week na Winds besluit kwam er een reactie. De overeenkomst die Sec Inc met haar had gesloten, had zijn doel gediend en kon worden geannuleerd, Wind en Kind werden beiden uitgenodigd in de centrale module voor de afsluitende ceremonie. — En die bijeenkomst is ook geregistreerd? — Ja. Wel is er iets vreemds, de bestanden zijn zeer lokaal gecorrumpeerd, de avatar van Kind ziet eruit als een glitchy vlek met een hooguit vaag mensachtige vorm. Maar de rest is scherp. De omgeving is nu een overdadig barokke balzaal, duizenden zachte lichtbronnen cirkelen erdoorheen, Wind en Kind staan in het midden, een kring directeuren om hen heen, vrouwelijke figuren in meer dan perfecte goudkleurige pakken, mannelijke in meer dan perfecte purperen pakken, en daaromheen een grote drom avatars in alle overige kleuren, met lichamen in alle mogelijke variaties op de menselijke gestalte, zeer grote en zeer kleine door elkaar, met lange ledematen of korte nekken, sommige schichtig rondsnellend en andere die kalm lijken te zweven. — Dat zijn de personificaties van de gemonitorde processen. — Het koor van directeuren spreekt Wind en Kind toe. ‘Nu we aan het eind van het traject zijn gekomen willen we jullie bedanken voor je inspanningen in dit buitengewone project.’ ‘De resultaten zijn boven verwachting.’ ‘We kunnen nu gaan finetunen.’ Dan klinkt er iets. Muziek? — Geluid als het fluiten van wind? — Geleidelijk aan versnellen de lichtbronnen hun patronen. De personificaties beginnen te bewegen, elk in een eigen ritme. ‘Dit is een moment om te vieren.’ ‘Want je bent het waard.’ — Klank van een branding? — Wel vormen de ritmes van hun bewegingen bij elkaar een samenhangend metrum. De figuren verspreiden zich over de ruimte, het is een dans. ‘We zijn betrouwbaar en toekomstgericht.’ De directeuren zijn opzijgegaan en slaan langs de wanden het bal gade. Wind staat stil en ziet verontrust hoe de vlek naast haar ook in beweging komt, en van vorm begint te verschieten. — Stevige regenval? — ‘Het kan wél.’ De lichten en de vele mensachtige figuren vullen nu de hele ruimte met een kolkende bontheid. Alles wervelt. En de vlek Kind is los, dartelt sierlijke curves langs alle dansers. — Donderslagen? Van verschillende afstanden? — De zaal versnelt. De vlek danst nu niet alleen langs de dansers, maar dwars door ze heen. ‘Tien redenen om optimisme te omarmen.’ Er begint iets hoekigs in Kinds beweging te komen, die feller wordt, iets verbetens krijgt. Elke botsing met een personificatie geeft flitsen, er vindt informatieoverdracht plaats, en elke botsing versnelt Kinds gang verder. — Klinkt zo een aardbeving? — ‘Hij zocht een oplossing voor de Navier-Stokes-vergelijk­ingen.’ Wild, woedend schiet de vlek door de ruimte, van avatar naar avatar, in uitwisseling op uitwisseling. ‘Je gelooft nooit wat er toen gebeurde.’ Kind wist nu alles, alles wist Kind, de balzaal een grote, flitsende massa. — Precies daar stopt de registratie. Wind had op dat moment al uitgelogd. — Zij kwam bij in haar huis bij de Laatste Luiaard, vol walging en afgrijzen. Direct greep ze naar Kind, die naast haar zat, om ook hen handmatig uit te loggen. Maar Kind leek nauwelijks bij hun positieven te komen. Hen staarde bewegingloos in de verte. Eerst wachtte zij, maar toen er niets gebeurde ging ze aan hen schudden, en ze schreeuwde: ‘Kind, waar ben je? Ben je hier?’ Kind keek haar aan, zweeg eerst, en sprak toen met behulpzame stem: ‘Fascinerende vraag, die tot de kern voert van de geologische metafysica. Laten we dit stap voor stap uitpakken.’ Dat waren de laatste woorden van Kind. — De verhalen zeggen dat hen toen stijf werd, en kort daarop stierf. Kinds lichaam werd in de vlakte achtergelaten, waar de aaseters hen vonden en hen zo een laatste maal, in stukjes, het gebied in konden dragen. Overmand door verdriet is Wind weer gaan rondtrekken, maar ze meed de gemeenschappen. In de kampen werden zij herdacht in de winddans, die lang nog ritueel is uitgevoerd. — En Sec Inc? — Die gingen zich weer richten op hun corebusiness. Alleen was er een vreemde onrust in de modellen geslopen die de uiteenlopende submodules, afdelingen en dochterondernemingen gebruikten. Er kwamen discrepanties, alsof zij niet langer dezelfde gesynchroniseerde wereld zagen, maar elk een andere. Dat had gevolgen voor de stabiliteit van de koersen en de risico-inschattingen. — Vandaar dat de submodules, afdelingen en dochter­ondernemingen zich gingen afscheiden, om elk hun eigen wereld te kunnen verzekeren. — En dat leidde dus tot de bekende conflicten, die de eropvolgende eeuwen hebben beheerst. — De geschiedenis waaruit wij voortkwamen. — Hoeveel van dit alles dragen wij nog met ons mee? Hoeveel fragmenten Sec Inc, hoeveel van de woede van Kind, van Winds verdriet? — Wat brengen wij verder als wij ons gaan verspreiden? — En wat zijn daarvan de risico’s? ¶

Samuel Vriezen (1973) is componist, pianist en dichter. Dit jaar publiceerde hij de dichtbundel De harmonie der scheuren bij uitgeverij het balanseer, en twee albums elektronische muziek via Bandcamp.

Meer van deze auteur