Soms vraag ik me af of ik ooit mezelf was,
of alleen een spiegel van andermans idee.
Niet vragen wie ik was maar zeggen: Dít ben jij.
Een gezicht werd me gegeven en ik droeg het te lang,
het begon te passen als een litteken op mijn huid.
Er werd gewezen voordat ik sprak,
ze zeiden wat ik was alsof ik het zelf vergeten was.
Ze schreven mijn geschiedenis in hun taal,
met woorden die ik nooit koos.
Wanneer iemand zegt ‘Ik mis je’,
dan wordt je identiteit niet alleen bepaald
door wie jij denkt dat je bent,
maar ook door wie je voor de ander bent geweest
en de vraag hoe diep dat nog altijd echoot.
‘Ik mis je’…
Toen brak er iets.
Geen grootse ommekeer, geen vuur, eerder een scheur in het behang.
Een adem die niet meer om goedkeuring vroeg.
En heel langzaam begon ik weer iets van mezelf te voelen.
Rauw, onhandig, echt. Niet gered, wel terug.

Je identiteit krijgt vorm in de ogen van wie je mist.
Je wordt, in hun herinnering, degene die aanwezig was,
die sprak, luisterde, beïnvloedde.
Je bent meer dan wat je doet;
je bent de sporen die je nalaat in anderen.

Frank is dichter. Hij is lid en redacteur van de schrijfgroep van Christine Otten in de Penitentiaire Inrichting Heerhugowaard. Zijn werk werd eerder gepubliceerd in De Gids, in Gevangenispost, 10 schrijvers van binnen ontmoeten 10 schrijvers van buiten (2022), in de bundels Je moet het van ver-halenOpenheid van Zaken, Gevulde Leegte en Reis naar Binnen, die de schrijfgroep samen met stichting Blocknotes de afgelopen jaren uitbracht. Gedichten van Frank werden in het Frans en het Engels vertaald.

Meer van deze auteur