Redactioneel
Ⅰ
de oostelijke horizon
is naar bed
met de witte
sluipmoord
auf den eisfenstern
blühen die blumen
een ruit zonder zicht
op schuilplaats
of schutter
er leven enkel
roerloze rendieren
ze briesen en hun
dubbelloopse
adem bevriest
hun geweien
knallen het verschiet
in duizend
knisperende wimpers
tot ze zijn uitgebloeid
— opgedragen aan Rose Ausländer —
Ⅱ
Er was de oproep om te sterven. We waren gehecht aan de suikerpot
de melkkan en ontbijtbordjes en dat alleen die sneuvelen konden.
Vroeg in de ochtend vertrokken we. We waren gehecht aan de geur
uit het blik met zwarte thee dat we openden voor de fluitketel zong.
De stad die ontwaakte was ons moederland. We waren gehecht
aan de klokken die elke schemering door ons gemijmer beierden.
We reden door nog lege straten. We lieten de muur achter
met onze opa en oma, starend naar vergetelheid.
Honderd tekenen van een vreedzaam leven zagen we. In de berm
billboards die een contrabasconcert aankondigden. Zelfs de doden
werden opgeroepen gehoor te geven. Etalages vol gestapelde
tv’s die alle dezelfde doofstomme soap toonden. Gespletenheid
was het die ons waanzinnig maakte. We wreven realiteit uit
onze ogen, wasten twijfel van onze gezichten. Als konijnen
voor de jachthonden renden we, verstrikt in velden
van goud, rode rivieren, bergen van gele bitterheid.
Ⅲ
This is when we lost
our humanity
het is iets wat gutst, zwart
water zonder maatsoort
She told me, ‘If friends die, don’t delete
their phone number’
wanneer de sluizen kieren
kolkt er nauwte opwaarts
‘Just change their name
to martyr’
onbewogen wacht de havik
een blik als schietlood
I opened my contact list
and there they were:
— voor Abu Firas en Amin —
Ⅳ
het was een smal pad
overwoekerd door braamstruiken
in de verte donkerde een bosrand
onze passen krasten langszij
we vroegen niet meer
wie ons gemaakt had
een stoppelveld ploegden we door
dachten een transparante dans te zien
als het horizonbos dat onschuld ademt
een vreugdevollere omsingeling
we stelden geen vragen meer
over ons zojuist geboren offer
in onze rijpe voetsporen
tekende genade zich af
Essay
Edel Dier
Poëzie
Binnenwaarts vindt de Staat zijn Koers
Essay
De Franse cefaloforen
Poëzie
Baarmoedertjes wraak
Beeld
Lichaamsdelen
Verhaal
Terminal
Verhaal
Clausule 4.3
Poëzie
heb je nog getwijfeld over belgië sinds er leven is op
Essay
Hoe 30 miljoen mensen uit Nederlands-Indië in 1893 staatloos gemaakt werden. Wie was de aanstichter?
Verhaal
Luchtig
Verhaal
Knabbelen aan Gods vinger
Poëzie
—
Verhaal
Niemand wil hier echt zijn
Essay
Radicaal pessimisme: de pornografische verbeelding van Kathy Acker
Verhaal
Bodemhart
Verhaal
1819
Surinaamse dagen