Fotografie: Maurice van Es

Kip of ei  

Is er een oerleider? Misschien dan: de eileider. De medische benaming is Tuba Falloppi, naar de anatoom die ze als eerste optekende, Gabriello Falloppio (1523-1562). Dit onderdeel van het vrouwelijk geslachtsorgaan leidt de eicel naar de baarmoeder. Let wel: er zijn twee eileiders, en dus geen gevaar voor autocratie. Braziliaans schrijver Clarice Lispector in het korte verhaal ‘The Egg and the Chicken’:

‘Egg, I love you.’ 

En: ‘I can no longer bring myself to believe in an egg.’ 

Leider: een masculien woord. Leiderschap: een masculien kenmerk. Maar de zichtbare vorm van leiderschap is bij uitstek iets wat met het idee van vrouwelijkheid geassocieerd wordt: bekeken worden, en weten dat je bekeken wordt. 

Is een leider een beeld? Is de leider een waanbeeld? Bestaat een leider alleen in de verbeelding van zijn volgers? Er moet een verschil zijn tussen hen die leiders zijn, en hen die zichzelf graag leiders wanen – of zien

Op het kaartje bij mijn Indiase thee staat: ‘As long as there is doubt, you cannot find the way.’ Gezocht: gids, of leider. Of dichter? Hun aller terrein: de weg tussen twijfel en verbeelding. De leider belooft een vergezicht, en wil twijfel over de verwezenlijking daarvan wegnemen. En de dichter? Die zal op het cruciale moment twijfelen, zoals Orpheus zijn geliefde verloor. Maar niet uit angst voor de werkelijkheid. De dichter weet dat we niet vooruitkijken, maar dat we graag doen alsof. 

Nervositeit bezweren

Een andere bijdrage aan het in kaart brengen van de menselijke anatomie door Falloppio zijn de zenuwbanen in het gezicht, en een deel van het binnenoor. Dit gaf hij de naam ‘het labyrint’. Het is onduidelijk waar het woord labyrint de oorsprong heeft, maar de connectie met leiderschap is helder: leid ons uit de doolhof, begeleid ons op ons pad, verlos ons van ons dwalen. Het zou verwant zijn aan een woord uit het Hettitisch: tapar, wat heersen, of regeren, betekent.

Mantra uit het Sanskrit: ‘Lead us from the unreal to the real’. De Amerikaanse dichter Wallace Stevens heeft het in zijn essay The Figure of The Youth as Virile Poet over de relatie tussen werkelijkheid en verbeelding. ‘The poet must get rid of the hieratic in everything that concerns him and must move constantly in the direction of the credible. He must create his unreal out of what is real.’Het oerlabyrint is dat van de Minotauros en het was Ariadne die haar draad spon en Theseus uit het labyrint leidde, uit liefde. Theseus liet haar vervolgens in haar slaap achter op het eiland Naxos (tegenwoordig staat dit fenomeen ook wel bekend als ‘ghosten’. Liever dan te zeggen, hoe nu verder, ik weet het niet, ik wil het niet, ik twijfel: de biezen en de noorderzon). 

Verleiding 

In de liefde zijn er geen leiders en het kan angstaanjagend zijn onbekend terrein te moeten betreden zonder gids. Wellicht is het eenvoudiger de liefde abstract te houden en deze te richten op het beeld in plaats van op een – echte – persoon. 

We laten ons liever verleiden dan dat we het risico nemen te vallen. ‘People fall in love with images.’ Leiden is een beweging en in een beweging hebben we twee keuzes: verzet of overgave. Volgen of verlaten. Ik noteer: de kiem is een verlangen naar… Maar het verlangen is uitwaarts, dat heeft een beeld nodig om zich op te richten. De kiem is twijfel, de kiem leidt tot antinomianisme: ik wil niemand volgen.  

Principes 

Er moet een leidend principe zijn, want het idee in het universum te zweven zonder anker en zonder baken, past niet in een mensenhoofd. In een van de restaurants op de Zeedijk waar de geur uit de keuken in al je kleding gaat zitten, spreek ik met een oude bekende over zijn werk met materie en anti-materie. Ik heb veel honger, maar ook een bord met een berg eiernoedels. Ik probeer de noedels niet meer aandacht te geven dan mijn gesprekspartner. Ik probeer op te letten, maar wat er in mijn hoofd past (danst), zijn regels van W. B. Yeats: That crazed girl, improvising her music. 

‘Einstein is zijn hele leven religieus gebleven,’ zegt hij, en hij vraagt of ik misschien een stuk eend wil, maar herinnert zich vervolgens dat ik geen vlees eet. En iets over quantum entanglement. Gesplitste deeltjes die ooit samen een waren, gedragen zich hetzelfde, hoever ze zich ook van elkaar bevinden in het universum. 

Ik veer op, dit klinkt als poëzie.‘Is een van de deeltjes dan het leidende deeltje?’ vraag ik. Hij weet het niet. Climbing, falling she knew not where.

Hij houdt zich bezig met de vraag waarom er meer materie dan anti-materie is.

‘En waarom is dat zo?’

‘Dat weten we niet.’

En waar weten we het minst van? 

Het menselijk brein, maar daar houden natuurkundigen zich niet mee bezig, zegt hij. It’s funny, no?

En het menselijk hart, zeg ik. Heroically lost, heroically found. 

Leidraden en locomotieven 

Ik zit alleen in een trein. Waartoe? Geleide deeltjes, gedeelde materie. Ik wil een antwoord. Op Facebook praat ik verder, met iemand anders.

Verlangen we, net als Pinocchio,  een echt mens te worden? Of blijven we liever een houten pop?

‘It’s complicated’, zegt hij.

‘What is?’ vraag ik.

‘Being human.’

Hij stuurt een fragment waarin Keanu Reeves zegt: ‘The trick is living without an answer… I think…’ Een lastige truc om onder de knie te krijgen. Dus verzinnen we draden voor onszelf om te volgen en als we deze niet zelf verzinnen kunnen, dan kijken we uit naar losse eindjes die er al zijn in de wereld, waar we onszelf misschien aan kunnen vastknopen. Naar boeien die uitgeworpen worden, naar vuurtorens die hun licht verspreiden, net wanneer we begonnen waren te denken dat er alleen zee bestaat. Naar een hand die ons wordt aangereikt. 

Soms valt zo’n draad samen met een persoon, en zo’n persoon noemen we een leider. Maar vaak vergissen we ons, en snappen we niet wat werkelijkheid is, en wat verbeelding. 

‘Ik weet eigenlijk niet waarop ik hoop,’ zeg ik, vanuit een lege coupé.

‘Human,’ antwoordt hij, meer dan duizend kilometer verderop.

We willen ergens naartoe worden geleid, maar waarvandaan? We houden de blik naar voren gericht, maar alleen omdat we net als Orpheus weten dat we ons altijd in het verleden bevinden, in de herinnering. We willen niet steeds een blik over de schouder hoeven werpen.

Begeleiden 

Ik wil me haasten naar weer een trein, maar zie twee oude vrouwen hand in hand treuzelen voor de roltrap richting perron. Mijn impuls is om ze in het moment van hun twijfel af te snijden en snel de roltrap af te kunnen rennen, maar ik corrigeer mezelf. Ondertussen een kleine tragedie: de vrouw die nog wel goed ter been is, heeft de stap al gezet, maar haar vriendin heeft haar niet gevolgd en staat nu hulpeloos bovenaan. Ik herinner me dit van toen ik klein was, de angst voor de roltrap, de aarzeling op welk moment te moeten opstappen om niet te vallen. Ik steek mijn hand uit en ze houdt mij stevig vast. In het Spaans zegt ze iets en laat me haar opgezette enkel zien. Ze heeft een warme, maar droge hand. 

‘Goed, daar gaan we,’ zeg ik als we er bijna weer af moeten. Ik tel tot drie. Als van een leien dakje. Ze bedankt me. 

Was ik leider?

Was ik gids? 

Of was ik de alledaagse, naar een ander uitgestoken hand?

‘You say you want a leader,’ zong Prince, ‘but you can’t seem to make up your mind.’

Deze tekst is een wisselwerking tussen de beelden van fotograaf Maurice van Es en een intuïtieve benadering van de betekenis van leiderschap.

Fabienne Rachmadiev (1985) publiceerde essays, fictie en poëzie in o.m. Terras, Het Liegend Konijn, De Revisor en Rekto Verso. Ze werkt aan een proefschrift over hedendaagse kunst uit de voormalige Sovjet-Unie (ASCA, Universiteit van Amsterdam) en is redacteur van DIG (voorheen De Internet Gids). 

Meer van deze auteur