You’ll never walk alone. Hoewel het schrikbeeld van de bespionerende Big Brother al enkele decennia leeft, lijkt de werkelijkheid Orwells fantasie inmiddels ruimschoots te hebben overtroffen. Sinds Edward Snowdens onthullingen afgelopen mei begonnen, is het begrip privacy geen dag uit het nieuws geweest. Het lijkt iets te zijn wat we bezitten en als waardegoed kunnen uitruilen, bijvoorbeeld tegen veiligheid of goederen en diensten. We gaan er dus voetstoots van uit dat privacy waardevol is, maar wat verstaan we er eigenlijk onder? Worden we ermee geboren of verwerven we het gaandeweg? Kun je er te veel of te weinig van hebben? Betekent het over de hele wereld en door de eeuwen heen hetzelfde? Kunnen we de inhoud ervan aanpassen, of sterker nog: worden we daartoe niet voortdurend gedwongen?

In dit nummer verkent De Gids deze vragen. Maarten Doorman schrijft over de spanning tussen authenticiteit en privacy in de kunsten, Merlijn Olnon over de gevolgen van digitalisering. In de bijdrage van Daan Stoffelsen staat de privacy van de pasgeborene centraal, terwijl Lynn Berger ingaat op de discussie over fotografie die ruim een eeuw geleden speelde. Mattijs van de Port laat zien hoezeer opvattingen over het eigene en het andere van cultuur tot cultuur verschillen. Er is daarnaast passende poëzie van Sybren Polet, en een kort verhaal van Christiaan Weijts.

Ook De Internet Gids laat zich niet onbetuigd en plaatst een aantal kunstenaarsbijdragen over het onderwerp, onder anderen van Peter Klashorst en Gijs Scholten van Aschat.

Buiten het privacy-dossier kunt u zich laten meevoeren door de fascinerende geobiologische verkenningen van Peter Westbroek en het gepassioneerde betoog van Pek van Andel over de rol van serendipiteit in wetenschap, techniek en kunst. Tot slot bieden we een kort verhaal van Ineke Riem, die we vanaf deze plaats van harte feliciteren met het winnen van de Bronzen Uil voor haar debuutroman Zeven pogingen om een geliefde te wekken.

Namens de Gids-redactie,
Piet Gerbrandy & Merlijn Olnon