Sinds de religie terug is van nooit weggeweest, is ook de belangstelling voor de religieuze poëzie en het religieuze schrijverschap weer groeiende. Hadewych beleeft meerdere oplages tegelijk en is zelfs al een sterke merknaam geworden. Ook de eigentijdse dichter tast weer rond in dat deel van de menselijke verbeelding dat bekendstaat als God of toch minstens als godsdienst. In Nederland heeft altijd een sterk cultureel onderscheid bestaan tussen de protestanten, die alles ‘naar eer en geweten’ willen doen inclusief oorlog en handel, en de katholieken, die meer vertrouwen op diplomatie en allebei-een-beetje-inleveren. Ook in dit Gids-nummer zijn deze polen te herkennen, al zijn ze wel van aard veranderd: aan het ene uiteinde staan de twijfel en de kleine zegeningen van de zoeker naar God en godwaardig gedrag, hier vertegenwoordigd in een prachtige gedichtenreeks van Willem Jan Otten. Aan het andere uiterste vinden we de atheïst die op de grens van leven en dood de laatste waarheden ontsluiert. Leo ‘Nee, nog niet dood’ Vroman stuurde een kort gedicht in zoals alleen een zeer oude dichter kan schrijven. Er wordt geen greintje geloof in uitgesproken maar het is wel religieus.

De bos meldde onlangs in zijn uitzending dat het boeddhisme inmiddels de tweede religie in Nederland is geworden. Dat kwam onverwacht. Maar ja, wat is een boeddhist? Is een boeddhabeeld in de achtertuin of slaapkamer genoeg? Moeten we het tuincentrum zien als een boeddhistische missiepost? Hoeveel uur per week moet je bepaalde handelingen uitvoeren om jezelf een boeddhist te mogen noemen? Het is vermoedelijk ook geen beschermde titel. Waarom moslims zo veel Nederlanders op de zenuwen werken is omdat je kunt zien dat ze ergens in geloven. Ze kleden zich ernaar en voeren ook dag in dag uit allerlei rituelen uit. Peter Sloterdijk merkte een paar jaar geleden tijdens een lezing in de Lutherse kerk te Amsterdam op dat ‘op de plaats waar vroeger bij mensen het geloof zat, nu de belangstelling voor het geloof zit’. Men is geïnteresseerd in een andere dimensie, men wijst niets op voorhand af, alles is even waardevol, maar bepaalde dingen passen beter bij jou dan bij je buurman. We leven in het tijdperk van de gecustomisede religieuze ervaring, die zich bij gebrek aan pretenties ‘spiritualiteit’ noemt. Een week mediteren in een Tibetaans klooster of onderduiken in een rituele wassing in Zuid-India tezamen met anderhalf miljoen stonede heiligen, het werkt even heilvol als zwarte kousen dragen of carnaval vieren, maar heeft als voordeel dat je je niet voor de rest van je leven aan één kerkgemeente of levensstijl hoeft te onderwerpen. Waarom doen moslims dat dan wel en houden ze krampachtig vast aan één God en één geloofspraktijk, ook nu ze niet meer in een exotisch oord leven? De discussies in de media draaien om de vraag of de islam onze toekomst is of ons verleden.

Gerard Reve nam een unieke positie in tussen nihilistisch calvinisme en plakkerig katholicisme. Hij at niet van twee walletjes, maar gebruikte van beide het beste. De wijnvlek op het op de omslag afgebeelde manuscript laat zich lezen als roomse offerande – bloed – op een protestantse leegte: het wit van de zuivere ziel. Aan Reve valt nog vele jaren te analyseren, zoals ook uit de andere bijdrage over zijn geloof blijkt. Als je nieuwe Nederlanders uit wilt leggen wat oude Nederlanders bezielt, laat ze dan De Avonden lezen. Zo zijn wij. Verveling ligt aan de basis van de Nederlandse dadendrang, hetgeen ook valt af te leiden uit een reeks fraaie korte verhalen in deze Gids.

Het werkelijke probleem met Marokkaanse jongeren is niet hun geloof, maar dat ze veel knapper zijn dan hun autochtone leeftijdgenoten en hun uiterlijk ook veel beter verzorgen. Het aantal kapsalons is spectaculair toegenomen in de afgelopen tien jaar. Terwijl Nederland al eeuwen vooroploopt als het gaat om het globaliseren van handelsbetrekkingen, lukt het maar niet om ook thuis mondiaal te blijven. Nee, die vluchtelingenstromen stoppen niet in de komende eeuw. Ja, die asielzoekers en ook al die illegalen gaan nooit meer terug. Dat Nederland vol is, hoor je niet meer, het gaat nu om hun cultuur versus onze beschaving. Maar de ‘falende integratie’ is in feite een vergrijzingsverschijnsel. De gemiddelde Nederlander nadert de veertig en heeft een of twee kinderen. Men heeft enig bezit en vreest dit kwijt te kunnen raken. Aan wie? De vraag stellen is hem beantwoorden. Al die beveiligingscamera’s en gelinkte databanken zijn natuurlijk niet voor u en mij bedoeld.

Tot slot in dit varianummer van De Gids een drietal beschouwingen over politiek, wetenschap en cultuur. Het is merkwaardig dat in de discussies over eigentijdse vormen van religie nooit de heidense positie wordt ingebracht. Ketters kennen we wel, zo is Nederland zelf begonnen in de Tachtigjarige Oorlog. Maar tegenwoordig worden ketters als klokkenluider of houder van een dubbele agenda aan de schandpaal genageld en uit hun vaste baan gebonjourd. Ketters hebben weinig status meer. Je mag de westerse zeden belachelijk maken, maar je mag ze niet afwijzen. Totale kritiek op het systeem is onvoorstelbaar geworden. Eco-activisten praten in Kopenhagen graag mee met de vervuilers, want als ze dat niet deden zouden ze als terrorist worden opgepakt. Wat de drie beschouwingen in deze Gids gemeen hebben is dat ze gelezen kunnen worden als deel van een meer omvattend onderzoek. Elke auteur poogt op eigen wijze een kader of jargon te ontdekken waarin het weer mogelijk is onze cultuur of ‘het kapitalisme’ te bekritiseren, zonder meteen links of rechts te hoeven worden. De bronnen waaruit geput wordt in dit onderzoek zijn verrassend te noemen: een ‘foute’ politiek filosoof, een ‘ondernemende’ natuurwetenschapper en een ‘verouderde’ cultureel antropoloog. Alle drie deze wetenschappers zoeken naar een binnen hun beroepsgroep of kennisdomein heidens standpunt. Alle drie openen ze een andere blik op wat we als bekend terrein beschouwen. Er is meer mogelijk tussen hemel en aarde dan geld verdienen en medeburgers afzeiken. Veiligheid is niet het enige paradigma om het eigentijdse leven zinvol te maken. De andere dimensie leeft zolang onze Nederlandse taal blijft leven. Daar maken wij ons sterk voor in De Gids.

Namens de redactie,
Arjen Mulder

Arjen Mulder is bioloog en essayist. Zijn meest recente boek is: De successtaker, Adrien Turel en de wortels van de creativiteit (2016). Hij schreef eerder over Mondriaan en Klee in zijn studie Van beeld naar interactie: betekenis en agency in de kunsten (2010). In 2019 publiceerde hij zijn liefdesverklaring aan planten, getiteld Vanuit de plant gezien.

Meer van deze auteur