En dan op een dag

  • een doodgewone doordeweekse dag
    tijdens een normale niets aan de hand persconferentie
    zo rond een uur of vier -
    na al dat jarenlange glimlachen
    grinniken, giechelen, grijnzen
    gniffelen, ginnegappen, grapjurken
    lachebekken, proesten, schateren, dijenkletsen
    dubbelklappend naar adem happen
    schatert de premier het zó luid uit, zó breed en
    gul en gretig, extatisch en spastisch
    zó open en vol overgave
    dat zijn lach letterlijk van zijn gezicht spat
    en op de grond smakt

om daar enkele seconden verdwaasd
beduusd tot zichzelf te komen
‘wah… wah… wie…’
om dan versuft maar vrij overeind te krabbelen
en het op een lopen te zetten
ja in blinde paniek alsof zijn leven ervan afhangt
de benen te nemen
weg, weg van hier de vrijheid tegemoet

weg van hem die verbaasd verbijsterd
half over het katheder hangt zijn gezicht
verfomfaaid zijn mond een slappe cheeseburger

terwijl alle journalisten zich als één man afwenden
‘wat?’ ‘wat?’ ‘waar?’
en naar buiten stormen zwaaiend met hun microfoons
‘volg die lach’
camera’s flitsen, deuren klapperen….

de geluidsinstallatie bromt
de airconditioning ruist
stofjes stofjes in het spotlicht
en het rumoerige hoeftrappelende geluid
dat traag in de verte wegsterft

Zie ook de originele versie zonder extra regelafbrekingen.

K. Michel (1958) studeerde filosofie in Groningen en Amsterdam. Debuteerde in 1989 met de dichtbundel Ja, naakt als de stenen. Drie jaar later verscheen de verhalenbundel Tingeling & Totus. In 1994 verscheen zijn tweede dichtbundel Boem de nacht die met de Herman Gorter-prijs werd bekroond. In 1999 verscheen de bundel Waterstudies waarvoor hij de VSB-poëzieprijs en de Jan Campert-prijs ontving. In datzelfde jaar werd door het Onafhankelijk Toneel een theatervoorstelling gemaakt van de verhalen over Tingeling. In 2004 verscheen de poëziebundel Kleur de schaduwen, die werd gevolgd door In een handpalm (verhalen en beschouwingen, 2008). Zijn meest recente publicatie is Bij eb is je eiland groter (poëzie, 2010) waarvoor hij de Awaterprijs kreeg èn de Guido Gezelle-prijs. Michel was redacteur van het literaire tijdschrift Raster. Hij vertaalde ook poëzie van o.a. Octavio Paz, Arthur Sze en Michael Ondaatje en hij stelde bloemlezingen samen uit het werk van John Berger en Stefan Themerson.

Meer van deze auteur