dit boek spekt je
wie eine Großstadt

vol klinkers
het oude deel kras
één kras en je straat lag open wat een knoeiboel
dit nieuwe hart je fietskoerier
monstert het plan

dit plan spekt ons
wie ein Vorort

froh Ort ja harde banden

hard je banden olijk de boel en evenzo hopla de meisjes de
nieuwste tomtom ha kogellagers en vet het

zelfde plasje data van daarnet maar nu lopend
een lopend buffet (wel vaart houden!)
radijsroos / roos / spiegel – gespiegeld snelbuffet! – kon je keren bezin!
je stad een sonnet

Astrid Lampe (1955) debuteerde in 1997 met de bundel Rib, die datzelfde jaar genomineerd werd voor de C. Buddingh’-prijs. In 1989 schreef ze het toneelstuk Strikken dat werd opgevoerd in het Utrechtse Theater Kikker. Ze publiceerde in o.a. De RevisorDe Zingende ZaagSurplus,YangPoëziekrant en in Tirade. Voorjaar 2000 verscheen haar tweede bundel De sok weer aan, die genomineerd werd voor de vsb Poëzieprijs 2001. De memen van Lara (2002) werd genomineerd voor de vsbPoëzieprijs 2003. De bundel Spuit je ralkleur verscheen in 2005.

Meer van deze auteur