De beste schrijver, regisseur, componist, de belangrijkste architect of econoom – zowel in de media als in ons hoofd speelt zich een niet-aflatende competitie af: wie de beste, invloedrijkste of meest gezaghebbende is. Die neiging om een rangorde aan te brengen is zo dwingend dat competitie de enige bestaansgrond lijkt te zijn voor welke maatschappelijke of artistieke productie dan ook. Competitie is er vanwege de competitie zelf; zij komt eerder voort uit dwangmatigheid dan dat zij een inhoudelijke grond of noodzaak heeft. Het onvermijdelijke trompetgetetter van de rangorde blijkt uit de lijstjes die geregeld in de kranten en weekbladen terugkeren. Niet zelden zijn ze gezocht, misplaatst, ongegrond, niet overtuigend of ronduit belachelijk, maar aanstekelijk zijn ze altijd; ze trekken een holte in ons open, ze laten ons sneller en hoger ademen, het blijkt onmogelijk om er niet even een blik op te werpen en te kijken wie er bovenaan prijkt en wie het lijstje niet heeft gehaald.
Die lijstjescultuur zou de Gids-redactie met een schouderophalen als flauw of banaal kunnen afdoen. Maar daarvoor is het verschijnsel te innig met ons denken en onze sociale organisatie verweven. Met geen mogelijkheid valt er omheen te gaan. Liever zetten we het daarom naar onze hand: niet alleen telt wie als ‘de beste’ op het ereschild wordt geheven, maar vooral welke argumenten ten faveure van die keuze worden aangevoerd en welke visie daaruit spreekt. De lijstjesopsteller die achter zijn selectie vandaan komt en verantwoording aflegt en daarmee even belangrijk is als degene die hij uitverkiest.
Twintig essayisten hebben zich bereid getoond om op het terrein van hun deskundigheid degene aan te wijzen die volgens hen spraakmakend is en laat zien waarin de opgave van hun vak, kunst of bekwaamheid in het huidige tijdsgewricht gelegen is. Dat heeft geleid tot een selectie van twintig personen die een richting aangeven en om die reden in de gaten gehouden zouden moeten worden. Met deze essays verschaft deze ‘Gids top-20’ inzicht in de problemen en uitdagingen die er binnen die terreinen gelden en in de antwoorden die daarop door de uitverkoren worden geformuleerd, of, om weer terug te keren bij het lijstjesfenomeen, een ‘inventarisatie’ of ‘boedelbeschrijving’ van hoe de terreinen die altijd al tot het aandachtsveld van De Gids hebben behoord er aan het begin van de eenentwintigste eeuw voor staan.

Namens de Gids-redactie,

Edzard Mik

Edzard Mik (1960) debuteerde IN 1995 met de roman De bouwmeester en schreef verder onder meer Mont Blanc (2012) en Goede Tijden (2010). Behalve romans schreef Mik korte verhalen, libretto’s en scenario’s en essays. Zijn meest recente boek, Waar de zee begint, een liefdesroman die zich in Athene afspeelt, verscheen in 2014. Behalve romans schreef Mik korte verhalen, libretto’s en scenario’s voor korte films. Essays over beeldende kunst, theater, architectuur en literatuur publiceerde hij in De GidsNRC HandelsbladVrij Nederland en De Groene Amsterdammer.

Meer van deze auteur