Kom binnen en schuil, want buiten is het koud.

+++

Het is 1924 en 2021 en ik bezoek het Rietveld-
Schröderhuis in Utrecht. Wie de eerste ontwerpen van Gerrit Rietveld bekijkt weet dat de ontwerper en architect meer nodig had dan enkel de aansporing van Truus Schröder. Het was een blokkendoos. Dicht. Gesloten. Van binnenuit bedacht. Schröder stuurde Rietveld een andere kant op. De open ruimte in. Licht. Lucht. Van buitenaf naar binnen.

Ik sta op de eerste verdieping van het huis waar Truus Schröder lange tijd met haar zoon en twee dochters woonde en ik kijk naar de raampartijen vanuit de keuken. Ik heb uitzicht op het noorden en uitzicht op het oosten. Maar wanneer de ramen opengaan, lijken samen met de raampartijen ook de muren en de windrichtingen te verdwijnen.

De kinderen van Truus Schröder wilden liever niet vertellen waar ze woonden aan hun klasgenootjes. Ze logen er zelfs over. Zo erg vonden ze het.

Er zit geen draagbalk in de noordoostelijke hoek van het huis. Dus wie de ramen opent, ontneemt de ruimte meteen ook haar hoekige vorm en laat de geometrisch geordende binnenwereld van het huis vollopen met de vormeloze luchtigheid van de buitenwereld. Binnen en buiten worden in elkaar opgenomen.

Dit is een soort beginpunt. Het is 1924. Buiten vriest het.

Ik sta in de keuken en ik kijk in noordoostelijke richting, waar de buitenwereld binnenstroomt. Ik kan het wel zien: Utrecht eindigt hier en geeft uitzicht op de weilanden van de polder. De lakenvelders staan te grazen in het aangevroren gras.

+++

Right hand rule:
Leg je rechterhand tegen de muur
en beweeg
tastend
als het donker is
stelliger
als het licht is.

Laten we hopen
Dat de tegenpartij nog nooit van maze theory gehoord heeft.

+++

In 1954 werkte Constant Nieuwenhuys korte tijd samen met Gerrit Rietveld. Constant, op dat moment vooral actief als schilder, werd door Rietveld betrokken bij een opdracht die hij had gekregen van de Bijenkorf in Amsterdam. Op de derde etage organiseerde de warenhuisketen de expo Ons Huis – Ons Thuis: Kleurenharmonie in uw woning.

Dit is de wederopbouw. Huiselijkheid was nooit een bijzaak in dit land. Nu al helemaal niet. Enkele jaren eerder, in 1946, lanceerde de overheid de campagne Gezinsherstel is volksherstel.

Het is ook het tijdperk van de binnenwereld. Interior design. Het tijdperk van de Bijenkorf. Vanaf 1926 groeit de bescheiden fourniturenwinkel in Amsterdam uit tot een succesvolle landelijke keten die grote, innovatieve architecturale binnenwerelden liet ontwerpen waarin vooral de naoorlogse koper mocht verdwalen.

Aan het eind van de jaren tachtig, kind nog, bezoek ik met mijn ouders zo nu en dan de Bijenkorf in Eindhoven. Het is één zo’n binnenwereld, ontworpen door de Italiaanse architect Gio Ponti. Als het regende gingen we er schuilen. Het was er druk genoeg, je werd er niet gestoord.

Constant en Rietveld ontwierpen samen de ‘kleursuggesties’ voor de expo Ons Huis. De revolutionaire idealen van De Stijl zijn er nog aan af te lezen. De muren van de keukens, woonkamers en slaapkamers werden in geometrische vlakken verdeeld van steeds verschillende kleuren. Het zou de kamer openwerken en van ruimtelijkheid voorzien zonder aan huiselijkheid in te boeten. Harmonie in de leefruimte.

Het utopische verlangen om binnen en buiten in elkaar te verweven onttrekt zich langzaam aan het zicht.

+++

Wanneer je het eind van de muur bereikt
beweeg je met je rechterhand
mee met de hoek.

Wees consistent
houd je handen soepel en laten we hopen
dat je hier nog wegkomt.

+++

Het is 28 oktober 1965 en Constant is een ander kunstenaar nu. Sinds 1956 werkt hij aan de schetsen en maquettes van New Babylon. Het is een utopisch bestaansmodel dat pas over vijftig of honderd jaar gerealiseerd kan worden, geeft Constant toe in het vierde nummer van Provo, dat die dag verschijnt.

New Babylon schetst een wereld waaraan Constant tot aan het begin van de jaren zeventig zal blijven werken. Er wordt niet langer gedroomd van het verweven van een binnen- en een buitenwereld. Dit is een nieuwe tijd. Automatisering. Gesloten systemen. Modulaire werelden.
Waarom geen reusachtige, labyrintische binnenwerelden? Waarom niet? Als ze modulair zijn? Als ze bevrijdend zijn? En beweeglijk?

Constant dacht dat het kon.

Overvloed en automatisering zouden ons toestaan om de orde tussen werk en ontspanning om te keren. Alleen in het rijk van de schaarste, schrijft hij in 1969, in zijn boek Opstand van de Homo Ludens, is het spel een vlucht uit de werkelijkheid, een tocht naar buiten toe. In het rijk van de overvloed wordt spel onttrokken aan ieder nutsdenken.

Spel wordt de motor van de samenleving. Misschien zijn gesloten systemen niet zo erg, als ze zich maar kunnen beroepen op de creativiteit van de spelende mens. Een onuitputtelijke bron van energie en informatie.

Het komt er nu alleen nog op aan om die bron aan te boren. Voorbij het nutsdenken.

+++

Ooit bestond de binnenwereld uit gelaagde labyrinten: verdiepingen
en diepere lagen, stellingen
en plaatsbepalingen
bewogen soepel door elkaar.

Het één
leidde tot het ander,
dat waren de werkomstandigheden.

Jij volgt je rechterhand, maar je mag wel aannemen
dat de meeste mensen verdwaalden.

+++

Het is september 2021 en in een promotiefilmpje horen we Mark Zuckerberg zeggen: ‘Our company is now… meta.’ Ik denk: so many levels. Het bedrijf werkt aan een heel eigen, geheel nieuwe binnenwereld. Een metaversum.

We weten niet precies wanneer de gamification van onze wereld is begonnen. Wat we wel weten: spel is nu de motor geworden. Ons spel drijft de datastroom aan. Alles wordt verwerkt. Netjes geordend.

Maar dit is een heel nieuwe wereld, die met het klikken van een muis niets meer van doen heeft. Het metaverse wil mensen met elkaar verbinden, legt Zuckerberg uit. Connecting. With people. Het metaverse is modulair. En user-driven. Jij kan het aanpassen. Jij stuurt het aan. Met iedere beweging.

Met iedere beweging stromen er data. Een eindeloze bron van ruwe, onverwerkte energie. Niet alleen locatie. Niet alleen schermtijd. Niet alleen sociale interactie in de vorm van likes en comments. Maar iedere beweging van je oog. Je hartslag. Je polsbeweging.

Het is een binnenwereld waarin we niet langer kunnen verdwalen, want wij zijn de mazen. Wij maken het web.

+++

Nu is iedere lijn die je trekt een inkeping
die de werkelijkheid ingrijpend kan veranderen
iedere opening een wonde
die zich ingraaft in het vlees en steeds dieper naar binnen leidt.

+++

Het is laat in 2021 en we zijn weer in lockdown. Wie nu het raam van het Rietveld-Schröderhuis opengooit, kijkt tegen de geluidsmuur van de Utrechtse binnenring aan. De Waterlinieweg beneemt je het zicht. Het buiten is een blinde muur geworden. Daarachter: het gemotoriseerd razen van een olietijdperk dat langzaam, samen met het ecosysteem waarin we ingeweven zijn, op zijn eind loopt.

+++

Je komt hier misschien nooit meer uit, want met iedere stap die je zet
verandert het web. Maar indien wel:
laten we hopen dat je bloed niet kristalliseert
wanneer je blootgesteld wordt aan de koude buitenlucht.


In dit essay zijn citaten verwerkt uit het vierde nummer van Provo, van Opstand van de Homo Ludens van Constant, van The Cybernetic Hypothesis van Tiqqun, van Mark Zuckerberg over Meta en het metaverse en van enkele afleveringen van het tweede seizoen van de Netflix-serie Another Life.

Bram Ieven (1979) schrijft, geeft les en maakt muziek.

Meer van deze auteur