I

Ik zal twee hoofden twee hoeden dragen.
Hij wil mij zo schetsen
voor het sterk spiegelend glas dat pas
voor de Mona Lisa is aangebracht.
Juist als hij zichtbaar wil maken
dat je in het schilderij vooral jezelf
bewondert treffen we een lege plek
op de muur. Verdwijn ik?
Ik laat een donkere plek achter
waar de wand niet verbleekt.

*

Ik ben de ansichtkaart op de schoorsteenmantel
van de man die de Mona Lisa op een zomerochtend
in 1911 onder zijn jas het Louvre uit smokkelt.
Hij moet wel naar mij kijken nu hij het schilderij
onder de vloer van zijn kleine appartement
heeft opgeborgen in een kussensloop.
Ik kan niet verhullen dat zijn verlangen
liefde in de weg staat.
De bezoekers die sinds de verdwijning
van de Mona Lisa toestromen om te zien
of ze echt weg is maken haar wereldberoemd.

Ik deel met haar een razende leegte
zolang ik de ogen van de man die in mij
zoekt wat ontbreekt vertraag.

II

In de metro ontwijk ik schimmen die gezichten
zoeken in mijn reflectie. De deuren vallen
open vanuit mijn hart.
Ik sleep ze als vleugels het perron op
de trappen af onder het viaduct
waar fietsen op fietsen blijven liggen.
Ik moet een knooppunt doorwaden
waar verkeer alle kanten op gaat.
Mag ik hier wel staan? Ik zoek houvast
bij een gestreepte paal.

Ik zie het begin van een vrouw
in een snelweg
het begin van een leven
in een lijndienstbus
die haar met een trage bocht
in het middelpunt
van een zwenkend panorama plaatst.
En waarom ik me hierin thuis voel
met woedend asfalt onder mijn voeten
dat spreekt van belofte of is dit verlangen:

een vrouw die in de verte klein
maar levensgroot wanneer de bus haar rakelings
meesleurt in een gespiegelde bocht
achter haar om zodat de bus
die haar nu volledig draagt
een cirkel maakt en zij voortdurend
in bochten toeneemt en wegkwijnt

of: dat ik weiger iemand te zijn
die zich laat afbeelden.

Ik ben een boog die onder de horizon
uitmondt in een cirkel. Er staat niets vast
zolang ik licht brekend kleuren regen.


Maria Barnas schreef een gedicht vanuit de vraag wat zichtbaar is in wat ontbreekt, naar aanleiding van Stealing the Mona Lisa van Darian Leader.

Maria Barnas (1973) is dichter, schrijver en beeldend kunstenaar. Bij uitgeverij Van Oorschot verscheen haar roman Altijd Augustus (2017) en dichtbundel Nachtboot (2018). Ze is redacteur van De Gids.

Meer van deze auteur